Across
- 2. – kartonnen doos of verpakking van bijvoorbeeld melk, sap of koffie
- 6. – aantal euro’s dat je moet betalen of ontvangt
- 8. – klein winkeltje waar je bijvoorbeeld snacks, drinken of kranten koopt
- 9. – geld betalen
- 10. – plastic kaart waarmee je kunt betalen of geld opnemen bij een automaat
- 13. – succesvol / het gaat goed / het werkt
- 16. – iets aan iemand geven en daarvoor geld krijgen
- 17. – munten en kleine bedragen die je gebruikt om iets precies te betalen
- 18. – groter, langer of ouder worden
- 19. – precies het juiste aantal munten en briefjes geven bij het betalen
- 21. – geld bewaren om later iets te kunnen kopen
- 22. – alle dingen die mensen dragen, zoals broeken, jassen en schoenen
- 23. – voorwerp waar je koffie, thee, water of andere dranken uit drinkt
- 25. – betalen met echt geld zoals munten en briefjes, niet met een kaart
Down
- 1. – machine of elektrisch ding dat iets voor mensen doet
- 3. – nu, in de tijd van vandaag
- 4. – grote doos, container of open voorwerp waar je dingen in kunt doen
- 5. – iets ergens naar binnen doen, bijvoorbeeld een kaart of stekker
- 6. – klein brood dat vaak wordt gegeten bij ontbijt of lunch
- 7. – het geven van geld voor een product of dienst
- 10. – geheime cijfers die horen bij een betaalkaart
- 11. – kleine plaatjes of stickers die je spaart voor korting of cadeaus
- 12. – boekje met verhalen, foto’s en informatie
- 14. – cijfers, letters of woorden drukken op een telefoon of ander apparaat
- 15. – plek langs de weg waar auto’s brandstof kunnen krijgen
- 19. – voldoende / niet te weinig
- 20. – een deel van honderd, vaak gebruikt bij korting of cijfers
- 22. – ruimte in een school of bedrijf waar mensen eten en drinken kunnen kopen
- 24. – zacht snoep waar je lang op kunt kauwen zonder het door te slikken
