Across
- 2. Een tijdje iets laten om je op God te richten.
- 4. Hij legt uit wat de wet echt betekent.
- 6. De wijze man bouwde zijn _____ op de rots.
- 7. Jezus gaf de Bergrede op een _____.
- 9. Jezus toont de weg naar de _____.
Down
- 1. Jezus vertelt over een nauwe _____.
- 2. Aan de boom herken je zijn _____.
- 3. Jezus kwam niet om deze weg te doen, maar om ze te vervullen.
- 5. Dit is de kern achter Gods wet.
- 8. Praten met God.
