Across
- 4. Proces waarbij met behulp van zonlicht glucose en zuurstof worden gevormd uit water en koolstofdioxide.
- 6. Kleine openingen in de opperhuid die gasuitwisseling mogelijk maken.
- 10. Deze structuren zetten zonlicht om in energie voor de plant.
- 13. Dit neemt af als er te weinig water in de vacuolen van plantencellen zit.
- 14. Ze kunnen van vorm veranderen, waardoor de opening in het huidmondje groter of kleiner wordt.
Down
- 1. Structuren in het blad die zorgen voor het transport van water, mineralen en suikers.
- 2. Deze met vocht gevulde blaas in de cel helpt bij het behouden van stevigheid.
- 3. Deze gasvormige stof uit de lucht is een van de ingrediënten voor fotosynthese.
- 5. Deze stof ontstaat bij fotosynthese en verlaat de plant via de huidmondjes.
- 7. Dunne laag cellen met een waslaagje die bescherming biedt tegen uitdroging en ziekteverwekkers.
- 8. Dit wordt via de wortels opgenomen en is nodig voor fotosynthese.
- 9. Deze omgevingsfactor moet geschikt zijn om fotosynthese te laten plaatsvinden.
- 11. Deze stof wordt door de plant gebruikt als brandstof en als bouwstof.
- 12. Deze vertakking zorgt ervoor dat water en opgeloste stoffen in het blad worden verspreid.
- 15. Deze stevige buitenkant van de plantencel voorkomt dat de cel uitrekt.
