ademhalingsstelsel

12345678910111213141516171819202122232425262728
Across
  1. 3. de ruimte tussen de beide longvliezen noemen we de ... ?
  2. 5. zorgvrager mag niet duiken of zwemmen vermijd dus ... verschillen
  3. 6. de luchtpijp is een buis met ... ?
  4. 8. hoe word de zuurtegraad genoemd wanneer je lichaam te zuur word of niet zuur genoeg is?
  5. 9. hoe noemt men het aantal ademhalingen per minuut?
  6. 10. wat heb je als je een ontsteking hebt van de keelamandelen?
  7. 11. bij welke aandoening hebben ze niet altijd hoge koorts?
  8. 13. in het wzc heeft meneer M. een besmettelijke infectiezieke welke ziekte heeft hij?
  9. 14. virale infectie van de bovenste luchtwegen
  10. 15. aan het strottenhoofd zit het ?
  11. 19. wat gebruiken ze om tbc vroegtijdig op te sporen?
  12. 23. bij een bronchitis kan het acuut optreden of ... aanslepen
  13. 24. wat is een ander woord voor buikholte?
  14. 25. je ademd in via je neus de lucht word verwarmd en ...
  15. 26. opgehoeste slijmen, sputum of ... ?
  16. 28. wat krijg je als je geen ademhaling hebt?
Down
  1. 1. wat is een ander woord voor fluitende ademhaling?
  2. 2. fijnere luchtpijpvertakkingen
  3. 4. de longblaasjes worden vernietigd, waardoor er een verminderde gaswisseling en een vernauwing van de kleinere luchtwegen ontstaat
  4. 7. met wat mag valse kroep of pseudokroep niet verward worden?
  5. 8. ademhalen is een ... proces?
  6. 12. er zijn drie verschillende vormen droge, vochtige, spastische
  7. 14. wat gebeurt er met de borstholte tijdens het uitademen?
  8. 16. wat is het kleinst? linker of rechter long?
  9. 17. geef een ander woord voor luchtpijp
  10. 18. hevige reactie van het lichaam in contact met water door overprikkeling van het zenuwstelsel kan een hartstilstand optreden
  11. 20. de zorgvrager heeft een piepende ademhaling, kortademigheid, moet hoesten, en heeft het benauwd. van welke aandoening zijn dit de symptomen?
  12. 21. wat is de grootste oorzaak van een pharyngitis? virus of...?
  13. 22. neemt de plaats in van de zuurstof op de rode bloedcellen
  14. 27. het ligt in de borstkas, achter het borstbeen tussen de ribbenkast