Across
- 2. – Bloedvat dat bloed naar het hart toe voert
- 5. – Schedel
- 6. – Wervels
- 9. – Orgaan dat bloed filtert en betrokken is bij de afweer
- 10. – Knieholte
- 13. – Bloedvat dat bloed van het hart afvoert
- 14. – Van de lichaamsmiddellijn af
- 16. – Dicht bij de romp
- 17. – Eierstok
- 18. – Ribben
- 19. – Bekken
- 23. – Rechts
- 25. – Aan de buikzijde
- 28. – Vervoert urine van de nier naar de blaas
- 30. – Hormoonklier die andere hormoonklieren aanstuurt
- 32. – Belangrijkste ademhalingsspier
- 33. – In de richting van de voeten
- 36. – Voetzool
- 38. – Borstkas
- 40. – Links
- 41. – Slokdarm
- 43. – Zaadbal
- 45. – Spaakbeen
- 46. – Ellepijp
- 47. – Verder van de romp af
- 48. – Hartzakje
- 51. – Longvlies
- 52. – Baarmoeder
- 53. – Naar de lichaamsmiddellijn toe
- 54. – Dijbeen
Down
- 1. – Onderdeel van het centrale zenuwstelsel in de schedel
- 3. – In de richting van het hoofd
- 4. – Gebied rond de navel
- 7. – Luchtpijp
- 8. – Hormoonklier die de stofwisseling regelt
- 11. – Kleinste bloedvaten waarin stoffen worden uitgewisseld
- 12. – Orgaan dat insuline en spijsverteringsenzymen maakt
- 15. – Kuitbeen
- 20. – Borstbeen
- 21. – Voert urine vanuit de blaas naar buiten
- 22. – Bilgebied
- 23. – Aan de rugzijde
- 24. – Sleutelbeen
- 26. – Verdeelt het lichaam in een boven- en onderzijde
- 27. – Vertakkingen van de luchtpijp naar de longen
- 29. – Opperarmbeen
- 31. – Grote teen
- 34. – Verdeelt het lichaam in een voor- en achterzijde
- 35. – Schouderblad
- 37. – Scheenbeen
- 39. – Orgaan dat bloed door het lichaam pompt
- 42. – Bijbal
- 44. – Verdeelt het lichaam in een linker- en rechterdeel
- 48. – Knieschijf
- 49. – Verbindt de hersenen met de zenuwen in het lichaam
- 50. – Verbindt een spier met een bot
