Beroepen en ambachten van toen

123456789101112
Across
  1. 3. Hij is de baas op het schip
  2. 4. Iemand die mooie kleding maakt
  3. 6. Iemand die boeken inbindt
  4. 8. Hij laat je schoenen weer glimmen
  5. 10. Maakt sieraden en gouden juwelen
  6. 11. Naar hem ga je toe als je ziek bent
  7. 12. Bij hem kan je medicijnen kopen
Down
  1. 1. Koopvrouw in appelen
  2. 2. Broodbezorger
  3. 5. Werkt op een schip
  4. 7. Iemand die in loondienst huishoudelijk werk doet, ook wel dienstmeisje genoemd
  5. 9. Houdt toezicht op de haven