Across
- 2. hij bezorgt alle kaartjes en brieven
- 4. hij geneest je wanneer je ziek bent
- 5. deze juf helpt je extra bij taal of lezen
- 9. hij verzorgt je zieke dier
- 10. hij geeft je het juiste medicijn
- 11. hij knipt je haren
- 12. hij probeert alle schaapjes bij elkaar te houden
- 13. deze man geeft je les
- 14. hij regelt het verkeer en schrijft ook al eens een boete
Down
- 1. hij repareert je kapotte kraan
- 3. hij verzorgt de dieren en teelt groenten op het veld
- 6. hij brengt je drankje naar je tafel
- 7. hij komt snel ter hulp wanneer het ergens brand
- 8. deze juf helpt je extra bij schrijven, meetkunde of zwemmen
- 10. hij tekent je nieuwe huis
- 11. hij maakt lekker eten klaar
