Blok 1 opdracht 24 en 25

123456789101112131415161718
Across
  1. 3. een optocht houden
  2. 4. meespelen in een onbelangrijke (zwijgende) rol
  3. 7. vindingrijke, vernuftige
  4. 8. manier waarop iemand zich gedraagt
  5. 9. waarbij word samengewerkt
  6. 15. lid van de regering dat de minister ondersteunt
  7. 16. ergens geld, tijd of energie aanbesteden
  8. 18. apart, buitenissig
Down
  1. 1. periode van tien jaar
  2. 2. elektronisch verkeersbord dat automatisch reageert op de verkeerst situatie
  3. 5. prikkel, oppepper
  4. 6. goed nadenken over (wat je doet)
  5. 7. stiekem binnen dringen bij een organisatie
  6. 9. zich er op toegelegd, zich er speciaal mee beziggehouden
  7. 10. in een code omzetten
  8. 11. tentoonstelling
  9. 12. africhten
  10. 13. gevaar lopen
  11. 14. meespelen in een onbelangrijke rol
  12. 15. iets laten denken zonder het direct te zeggen
  13. 17. plaatsen