Blok 2

12345678910111213141516171819202122232425
Across
  1. 4. ander woord voor maar
  2. 7. ander woord voor duw
  3. 8. zin in iets hebben
  4. 9. hamburgers friet en snacks
  5. 11. oranje zure vrucht
  6. 12. ergens veilig en lekker warm gaan zitten
  7. 14. slecht zijn voor bijvoorbeeld je gezondheid of milieu
  8. 16. pan waarin je friet bakt
  9. 17. een wond die ontstoken is
  10. 19. vrolijker maken
  11. 20. reclame maken voor iets
  12. 21. gele pittige saus
  13. 23. bericht in de krant
  14. 24. groot eng uitziend insect
Down
  1. 1. eigenaar van restaurant of café
  2. 2. aanrakingen op het lichaam om iemand te helpen ontspannen
  3. 3. grote pukkel in je gezicht
  4. 5. je knie of elleboog bijvoorbeeld
  5. 6. heel erg slecht
  6. 10. slecht kunnen praten en spreken
  7. 13. heel veel last van bijvoorbeeld insecten hebben
  8. 15. verwonding in je hoofd door een harde klap op val
  9. 18. ander woord voor te vroeg
  10. 22. snackje
  11. 25. groene vrucht