blok 5 week 3

123456789
Across
  1. 5. dat wat aan de buitenkant zit
  2. 7. dichtbij of naast elkaar liggen
  3. 8. aan beide kanten
  4. 9. uitsteken boven iets
Down
  1. 1. dat wat je kunt zien zonder je te verplaatsen
  2. 2. het uiterste einde van iets
  3. 3. tegen een helling omhoog
  4. 4. daar ergens
  5. 5. aan de binnenkant
  6. 6. dichtbij
  7. 9. dat wat aan de binnenkant zit