Across
- 2. Een bijvoeglijk naamwoord: zwak, slap, niet sterk. 104
- 5. Vervelend doen, als in: 'zit niet zo te ...!' 103
- 6. Niet geneigd te doen wat men verlangd. 63
- 9. Bijvoeglijk naamwoord, verrukt, heel erg blij en enthousiast. 46
- 10. Iets dat aankondigt dat iets of iemand zal komen. 53
Down
- 1. Proberen te doorgronden (figuurlijk). 19 (in het boek VT, mv.)
- 3. Wanneer je met je handen naar iets grijpt. 73 (in het boek VT)
- 4. Weerloos makende, tot bedaren brengende. 111
- 7. Rillen van afkeer of angst. 85 (in het boek VT)
- 8. Een steun. 23
