Carnaval

1234567891011121314151617
Across
  1. 2. Een aantal mensen op straat kijken ernaar als die voorbij komt.
  2. 6. Het meest bekendste in de wereld.
  3. 7. Ze vormen de carnavalstoet.
  4. 8. Daarmee stampen de Gilles op de grond, om deze vruchtbaar te maken, net zoals een Indiaanse tovenaar.
  5. 9. In de fanfare is die onmisbaar.
  6. 10. De ‘Blancs Moussis’ gebruiken deze om op de koppen van de mensen te slaan.
  7. 12. Een maand waarin carnaval vaak valt.
  8. 13. Carnavalkledij dragen: zich …
  9. 15. Kleine ronde papiertjes in allerlei kleuren.
  10. 16. Iemands gezicht met kleuren verven.
Down
  1. 1. De gilleshoeden zijn van die veren gemaakt.
  2. 3. De Gilles werpen er veel naar de mensen.
  3. 4. De dag voor Aswoensdag.
  4. 5. Het mooiste van de wereld.
  5. 11. Lange gekleurde gerolde papiertjes.
  6. 14. Om zijn gezicht te verbergen.
  7. 17. Een maand waarin carnaval soms valt.