Across
- 1. zien,kijken
- 2. laat
- 7. nieuws
- 8. plezant
- 10. woensdag
- 14. luisteren
- 18. dagen
- 19. zaterdag
- 21. stoppen
- 23. maandag
Down
- 1. vrijdag
- 3. vandaag
- 4. beginnen
- 5. zondag
- 6. donderdag
- 9. weerbericht
- 11. oefening
- 12. huiswerk
- 13. kunnen,mogen
- 15. vroeg
- 16. te
- 17. examen
- 20. dinsdag
- 22. televisietoestel
