Across
- 1. Een toestand van kalmte en ontspanning die men de patiënt gunt.
- 3. Partners, familieleden en vrienden die om de patiënt heen staan.
- 4. Het moeilijke moment van loslaten van geliefden aan het einde van het leven.
- 8. Een levenseinde dat aansluit bij de eigen normen en waarden van de patiënt.
- 10. De term voor zorg die niet meer genezend is, maar gericht op kwaliteit van leven.
- 12. Een ander woord voor het verzachten van klachten zonder genezing als doel.
- 13. Belangrijke communicatie vooraf over wensen rondom het levenseinde.
Down
- 1. Diepe achting voor de keuzes en de persoonlijkheid van de stervende.
- 2. De allerlaatste periode van het leven.
- 5. Het berusten in het naderende einde, vaak een emotioneel proces
- 6. Het liefdevolle en professionele omringen van de zieke.
- 7. Veelvoorkomend fysiek symptoom dat artsen zo goed mogelijk proberen te bestrijden.
- 9. Het verlichten van ongemak en het bieden van een zo fijn mogelijke situatie.
- 11. Een vertrouwde plek waar veel mensen liever sterven dan in het ziekenhuis.
