De woorden van h1 en 2

1234567891011121314151617
Across
  1. 1. Altijd volgens de gewoonte
  2. 4. Ongeveer
  3. 5. Verdriet of zorgen met je meenemen
  4. 7. Alleen te merken als je nauwkeurig kijkt of luistert
  5. 9. Pijn doen
  6. 10. Slim
  7. 11. Met grote en langdurige gevolgen
  8. 13. Grote ellende
  9. 14. Iemand die onderzoek doet en les geef op de universiteit
  10. 17. Gekozen om iets bijzonders te doen
Down
  1. 1. Zorgen dat iets sneller of beter gaat
  2. 2. Zeggen dat iemand niet mee mag doen
  3. 3. Geestelijk, met je verstand
  4. 6. Leuk om te zien
  5. 8. De banen die iemand in zijn leven heeft gehad
  6. 12. Dus
  7. 15. De last of hinder die iemand anders geeft
  8. 16. Overdrijven