Dieren

123456789101112131415161718
Across
  1. 1. Het steeltje van de tarwe noemen we een ...
  2. 3. Ik leg eieren,en doe toktooktoook.
  3. 7. Ik ben een kip en ze kweken mij voor mijn eieren.
  4. 9. Ik leef op de boerderij en ben roos.
  5. 10. Boeren die groenten/fruit kweken doen aan tuin....
  6. 13. Gewassen die als voeding voor de dieren dienen.
  7. 17. In de ... zitten al de graankorrels van de tarwe.
  8. 18. Sla, witloof, radijsjes noemen we ....
Down
  1. 2. De koe moet de koeien twee maal per dag ....
  2. 4. Dieren met pluimen noemen we ....
  3. 5. Ik ben geel, fruit en groei in trossen aan de bomen.
  4. 6. In dit huisje worden de koeien gemolken.
  5. 8. Bananen, appels, peren, noemen we ....
  6. 11. Hier leven alle dieren tezamen en werkt de boer.
  7. 12. Een ander woord voor planten op de boerderij.
  8. 14. Ik ben een groente, ben oranje en redelijk smal.
  9. 15. Van melk kunnen we .... maken, het begint met de y.
  10. 16. Ik ben een kip, ze kweken mij voor mijn vlees.