Eenheid 4, les 9 + 11

123456789
Across
  1. 1. Enkel en alleen. Een chocoladereep noem je zo als er heel veel cacao in zit.
  2. 4. Een raar of grappig gezicht dat je kunt trekken.
  3. 5. Er zijn er niet zo veel van. Het is lastig om het aan te komen.
  4. 6. Als iemand snel op de kast is gejaagd noemen ze het iemand met lange …….
  5. 7. Een muziekinstrumentje. Als je er mee op je hand slaapt rinkelt het.
  6. 9. Dat kindje begon ontzettende te schreeuwen. Het zette een …… op
Down
  1. 2. De manier waarop het liedje klinkt. Dit kun je ook neurieën, klappen of tikken. Het ……
  2. 3. Zo noem je iemand die in Nederland woont. Een ander woord voor Nederlander.
  3. 4. De plaats in je hoofd waar je dingen onthoudt.
  4. 8. Als je ergens ……. voor hebt wil dat zeggen dat je het van nature al best goed kan.