Across
- 2. voor
- 5. de prijs
- 6. blauw (v)
- 8. passen
- 9. het overhemd
- 12. geel
- 15. het feest
- 16. lelijk
- 18. de berg
- 19. het dansen
- 21. de rok
- 22. opruimen
- 23. belachelijk
- 24. morgen
Down
- 1. wat
- 3. rood
- 4. de spijkerbroek
- 7. alleen maar
- 9. het hardlopen
- 10. veranderen
- 11. de uitverkoop
- 13. dromen
- 14. de trui
- 17. open (m)
- 18. het zwembad
- 20. voor
- 21. de skeeler
- 25. na
