godsdienst

12345678910
Across
  1. 4. Je gelooft in de goede bedoelingen van iemand.
  2. 6. Je deelt in de moeilijkheden van iemand en probeert hem te helpen.
  3. 7. Je toont belangstelling voor iemand.
  4. 8. Je houdt jezelf onder controle.
  5. 9. Je zult nooit iemand in de steek laten.
  6. 10. Je bent betrouwbaar en speelt niet vals.
Down
  1. 1. Je zorgt ervoor dat je niemand kwetst of kleineert.
  2. 2. Je blijft niet boos maar geeft iemand een nieuwe kans.
  3. 3. Je komt uit voor jouw vriendschap en spreekt dat ook uit.
  4. 5. Je vertrouwt jezelf helemaal en zonder angst aan iemand toe.
  5. 9. Je gaat zacht en liefdevol met iemand om.