Across
- 2. In welke maand hadden we verkeersexamen?
- 10. Hoe noem je twee puntjes op een klinker?
- 11. Het meisje met de krullen is …
- 13. Wie zegt vaak ‘kibbeling’?
- 15. Wie is een fanatieke dansster?
- 16. Welke leerling durft er niet veel?
- 19. Deze klasgenoot is op 4 juli jarig.
- 23. Het meisje dat altijd damt en vaak wint.
- 25. Het lievelingsvak van de juf.
- 27. Wat is de laatste tekenopdracht geweest? (Let op Engels woord!)
- 28. De jongen die eigenlijk altijd op sokken loopt.
- 29. Vanaf welke blok kregen we procenten met rekenen?
- 30. Hoeveel leerlingen zitten er in onze klas?
- 33. Wat voor ‘dag’ hebben wij twee keer in de week?
- 35. Welke jongen vergeet nog wel eens zijn bril?
- 36. Welke meisje heeft bijna nooit haar bril op?
- 39. Welk uitje hebben we gemaakt naar Roelofarendsveen? Naar de …
- 40. Met welk vak leer je nieuwe woorden?
- 42. Welke schoolvak heeft als symbool een wereldbol?
- 43. Hier zijn we allemaal voor geslaagd dit schooljaar.
Down
- 1. Wie zit er op honkbal?
- 3. Wie doet het altijd lekker rustig aan?
- 4. Welke meisje laat altijd haar drinkfles op tafel staan?
- 5. Wie noemt zichzelf ‘croissantje’?
- 6. In welke stad staat de Europese Centrale Bank?
- 7. Wie vergeet vaak zijn eten en drinken?
- 8. Hoe heet het meisje die altijd met de volle handen de klas in komt?
- 9. Wiens lievelingsspel is ‘Vier op een Rij’?
- 12. Wat deden we elke vrijdagochtend op de computer?
- 14. Het meisje dat vaak te snel praat.
- 17. Waar ging ons schoolreisje naar toe?
- 18. Wie wil altijd alles aanraken?
- 20. Welke groep is deze week de oudste van de school?
- 21. Wie ligt er vaak in een deuk?
- 22. Wat hebben we gemaakt voor de bejaarden in Molenburg?
- 24. Welke leerling is in het midden van het schooljaar vertrokken naar Engeland?
- 26. Hoeveel kinderen zitten er op de Brandaris?
- 31. Een jongen met drie letters in zijn naam.
- 32. Hoe noem je het belangrijkste werkwoord in een zin?
- 34. Hoe heet de boer waar wij op bezoek zijn geweest?
- 37. Welke kleur pet, van de Vreedzame school hangt in het midden?
- 38. Wie is de kleinste jongen van de klas?
- 41. Met welk feest hebben we een boom versierd?
- 44. Wie zit er vaak met zijn stoel op ‘zijn achterpoten’?
