Herhaling grammatica & spelling (2)

1234567891011121314151617
Across
  1. 3. 'Die fiets is de mijne.' In deze zin is 'mijne' een ...
  2. 5. De … autoweg (afsluiten)
  3. 6. Dit zinsdeel vertelt iets over de handeling
  4. 8. ‘sommige(n)’ schrijf je alleen met als het gaat om …
  5. 9. Dit woord zegt iets over een zelfstandig naamwoord
  6. 10. De afkorting van ‘belasting over toegevoegde waarde’
  7. 11. ‘Dat is echt super saai!’ Deze zin heeft een … gezegde
  8. 12. ‘Hanneke vertrok naar Frankrijk.’ Deze zin staat in de … verleden tijd
  9. 14. Het deel van de zin waaraan het onderwerp wordt gekoppeld
  10. 17. Een bedrijvende zin noem je ook wel …
Down
  1. 1. ‘mijn, jullie, ons, iemand, niets, zich, wie, dat, ik’ Dit zijn allemaal …
  2. 2. Gebruik je als je een woorddeel weglaat
  3. 4. ZWOBBELS + HDV is het ezelsbruggetje voor …
  4. 7. 'De cadeautjes gaf Annabella aan mij.' Het onderwerp van deze zin is...
  5. 13. De bijstelling en de bijwoordelijke bepaling zijn allebei …
  6. 15. De … tent (opzetten)
  7. 16. ‘De hond wordt door zijn baasje geaaid.’ In welke vorm staat deze zin?