Het Boerenleven

1234567891011121314151617181920212223242526272829303132333435363738394041424344454647484950515253545556575859606162
Across
  1. 2. Zulke brokken kunnen geen verrassing zijn (2,2,7,9)
  2. 5. Hier is (g)een ruimte voor een dialoog (9)
  3. 13. Binnen (2,9,2,3,5,6)
  4. 14. verricht alleen arbeid voor een boontje (10)
  5. 15. Dit doet de overijverige boer (2,4,4,2,3,4,5)
  6. 19. To find the Danish price you’ll have to go to a Dutch church (6)
  7. 25. Ontvreemd dierenverblijf (4)
  8. 26. Danish matrimony is a present to us (4)
  9. 28. Zorgt voor tranen op de boerderij (7)
  10. 30. Steun om een nieuw rijk te stichten (16)
  11. 31. Praten als een oude munt (4)
  12. 32. ‘Can the mob stay in your hallway?’ asks Ben. ‘Just this once,’ says Lars. (4)
  13. 36. Dat krijg je ervan (5)
  14. 38. Boerenelftal (5)
  15. 39. Zwak hier, maar sterk zodra Deens wordt toegevoegd. (6)
  16. 43. Meer LHBTI om de natuur te redden (14)
  17. 44. Waterbewoners? Laat ze! (4,6)
  18. 46. Klinkt als volop genieten in de buurt (5)
  19. 49. Dit apparaat moet je op de korrel nemen (11)
  20. 50. Wissel van een gevorderd land (16)
  21. 52. Rookte deze premier? (6)
  22. 55. Primary source (8,4,3,6,5)
  23. 58. Koeien of huisjes (6)
  24. 59. These Dutch citizens spend money in Denmark (14)
  25. 60. Basisvoorziening voor een sportieve partij (1,1,1)
  26. 62. Dutch jokes on the Danish hill (6)
Down
  1. 1. Voormalig busstation voor boeren (9)
  2. 3. Makkelijke biertjes drinken op het platteland (2,3,14)
  3. 4. Opdat men deze familie beschermt (7)
  4. 6. Kun je op lopen (6)
  5. 7. Kennis van (een) kaart(en) (14)
  6. 8. Erfstuk (4)
  7. 9. Ontwikkelingshulp? (5,2,4)
  8. 10. Danish cattle that sounds like Dutch birds (4)
  9. 11. Luchtig beroep (4)
  10. 12. We are looking for Dutch cowhide in Denmark (5)
  11. 16. Klinkt alsof deze familie het nalaat (4)
  12. 17. Het klaarspelen met landfruit (11,6)
  13. 18. Praten over naaimateriaal (17)
  14. 20. Volgt (te laat) na het dierenverblijf (13)
  15. 21. Zilver of goud (15)
  16. 22. Dankbare Deense spruit (3)
  17. 23. Gaan stappen in de stront (9)
  18. 24. Spijkerhard maar knettergek, die Denen. (3,2,5,3)
  19. 27. Wordt niet geconsumeerd. (3,3,4,4,4)
  20. 29. Sportauto van de landbouwer (10)
  21. 33. feestje voor lomperiken (14)
  22. 34. sterk schaakstuk (13)
  23. 35. Net, boek, pens, leb: ik ben het zat! (2,2,4,3,3,6)
  24. 37. Where they are happy, we move cautiously. (4)
  25. 40. Netjes eten bij de McDonald’s (13)
  26. 41. Opt for what’s already yours and then still pay for it? (4-4-3)
  27. 42. Stjæler han altid det same nummer? (4)
  28. 45. Does the duck always come second in Denmark? (5)
  29. 47. Deense mopperopa? (6)
  30. 48. Bindmiddel voor spek (3)
  31. 51. En de rest kan stikken, maar niet de Deen (4)
  32. 53. groeigereedschap (8)
  33. 54. Hier mot je zijn vandaag (8)
  34. 56. Vindplaats? Alleen voor de doorzetters. (8)
  35. 57. Hier dien je volgens de Deense regels te spelen (5)
  36. 61. Deens eten? Bah! (5)