Across
- 4. neef (zoon van een broer of zus)
- 7. neef / nicht (kind van een oom of tante)
- 9. gescheiden
- 11. young
- 13. uncle
- 14. stiefvader
- 15. to meet
- 17. son
- 18. beroemd
- 19. samen
- 20. daughter
- 21. nicht (dochter van een broer of zus)
Down
- 1. mother; mum
- 2. geadopteerd
- 3. aunt
- 5. foster mother
- 6. grandfather
- 8. grandmother
- 10. father; dad
- 12. introduce
- 16. grandparents
