Hoofdstuk 4: Thema 1

123456789101112131415
Across
  1. 1. houdt transport in, maar ook opslag, verpakking, datamanagement en distributie.
  2. 3. Dit geeft aan welke onderdelen nodig zijn voor de assemblage
  3. 5. Bij een contract voor wekelijkse of maandelijkse ... aankopen van dezelfde goederen of diensten blijven de voorwaarden vermeld in het contract gelden voor elke terugkerende aankoop.
  4. 6. In een contract op ... legt men vooraf het volume per jaar vast. In de loop van het jaar kan men vervolgens delen van dit vastgelegde volume opvragen of afroepen.
  5. 8. Magazijn waarin producenten hun goederen opslaan dicht bij hun fabriek. Hier is het belangrijk om de opslagruimte maximaal te benutten.
  6. 9. Consumenten hebben het recht om zich binnen 14 kalenderdagen te bedenken over hun aankoop en hun aangekochte goed terug te brengen.
  7. 11. Magazijn dicht bij de afzetmarkt. Het zijn meestal regionale magazijnen, van waaruit men sneller kan leveren.
  8. 14. Logistiek die nodig is bij e-commerce, met als kenmerken: 24-uursleveringen, een onvoorspelbare en sterk verspreide vraag naar heel veel pakketjes, met verschillende afhaal- en betaalmogelijkheden en vele retourzendingen.
  9. 15. ... retailing is verkoop en communicatie via meerdere, op elkaar afgestemde distributiekanalen tegelijk.
Down
  1. 2. Een terrein of terminal waar goederen worden overgeslagen naar een ander transportmiddel of veranderd van verpakking.
  2. 4. Een magazijn waar goederen worden gegroepeerd, zoals in een distributiecentrum.
  3. 7. Bij ... distributie levert de producent direct aan de eindverbruiker, zoals bij webshops of bij Ikea.
  4. 10. Producten opnieuw gebruiken om er andere, meer laagwaardige producten mee te maken of om ze te verbranden met recuperatie van energie.
  5. 12. Het samenvoegen van onderdelen tot een product.
  6. 13. Bij indirecte distributie zal de producent niet rechtstreeks, maar via distributiekanalen de klant bereiken.