Inoefenen woordenschattoets MB - thema 1B - DE ANDER EN IK

12345678910111213141516171819202122232425
Across
  1. 2. Doen zoals je bent.
  2. 6. Als je iets makkelijk doet, bijvoorbeeld iets maken wat kapot is.
  3. 8. Gemaakte afspraak waar iedereen zich aan moet houden.
  4. 9. Als je gevaarlijke dingen durft, vooral ook om een ander te helpen.
  5. 11. Hard werken.
  6. 13. Als je zorg en aandacht hebt voor een ander. Je bent aardig.
  7. 15. Als je graag andere mensen helpt.
  8. 17. Het tegenovergestelde van slim.
  9. 19. Met veel talent(en).
  10. 21. Het tegenovergestelde van lenig.
  11. 22. Als je heel goed oplet wat je doet omdat het anders mis kan gaan.
  12. 24. Er mee door blijven gaan, ook al ben je moe, heb je honger of is het moeilijk.
  13. 25. Een goede eigenschap(bijv. lief of grappig)
Down
  1. 1. Snel en met weinig moeite. Als je het makkelijk en snel doet.
  2. 3. Tegen iemand zeggen dat er gevaren of problemen kunnen komen door wat hij of zij doet.
  3. 4. Zonder gevaar.
  4. 5. Zeggen dat je zeker iets zult doen of geven / iets toezeggen.
  5. 7. DE-woord dat hoort bij het doe-woord afspreken.
  6. 10. Zonder zin om iets te doen.
  7. 12. Als je het samen met anderen heel prettig hebt.
  8. 14. Iemand die volhoudt, ook al is het moeilijk.
  9. 15. DE-woord dat hoort bij het doe-woord beloven.
  10. 16. Ander woord voor de mens.
  11. 18. je hersenen gebruiken om een probleem op te lossen.
  12. 20. Als je snel met gevoel reageert op wat er om je heen gebeurt.
  13. 23. Het tegenovergestelde van gierig.