Across
- 4. verliefd worden
- 5. loodgieter
- 7. aannemer
- 8. verband
- 11. rijk
- 13. verstopte neus
- 16. pijnstiller
- 17. rillerig, beverig
- 18. past simple of "to go"
Down
- 1. advocaat
- 2. niezen
- 3. je misselijk voelen
- 6. past simple of "to lie"
- 9. roman
- 10. volwassen worden
- 12. wetenschapper
- 13. blauwe plek
- 14. duizelig
- 15. toneelstuk
