Jenita Nijstad

12345678910111213141516
Across
  1. 2. schrijf je aan elkaar voor- en achtervoegsels kun je niet 'los' gebruiken.\
  2. 5. een woord die je verkleint.
  3. 8. een moedertaal.
  4. 9. is een samenvatting van de tekst in één zin.
  5. 10. verhaal of een tekst wat niet echt gebeurd kan zijn.
  6. 11. Een werkwoord die nooit alleen in een zin kan staan.
  7. 13. woorden die naar andere woorden in een tekst verwijzen.
  8. 14. dat is eenpagina waarin alle belangrijke links binnen de website staan gesorteerd.
  9. 15. zijn plaatjes, tekens of woorden waar je op kunt klikken.
  10. 16. verhaal of een tekst wat echt gebeurd kan zijn.
Down
  1. 1. De afronding van een tekst.
  2. 3. het begin van de tekst.
  3. 4. gezegde Alle werkwoorden in een zin.
  4. 6. bevat meer informatie dit deel is meestal het langst en bestaat bvaak uit meer alinea's
  5. 7. als je tekst saai word moet je meer variatie gebruiken.
  6. 12. werkwoord een werkwoord die altijd in een zin staat.