Across
- 3. Een hoorn die in de joodse eredienst wordt gebruikt. Normaal gesproken een ramshoorn.
- 5. Joods paasfeest, herdenkt de bevrijding uit de slavernij in Egypte.
- 7. Ritueel goedgekeurd, volgens de joodse spijswetten bereid. De joodse wet kent veel voorschriften m.b.t. bereiden en eten van voedsel. Deze vinden hun oorsprong in de Tora. De bekendste voorschriften zijn het verbod op het eten van varkensvlees, paling en schelpdieren, en het verbod om melk- en vleesproducten gelijktijdig te nuttigen.
- 8. De dag waarop een joods meisje 12 jaar wordt. Vanaf dat moment is zij bat mitswa wat 'dochter van het gebod' betekent. In sommige (liberale) joodse geloofsgemeenschappen wordt een meisje na haar 12e verjaardag opgeroepen om in de synagoge een gedeelte van de Tora te lezen.
- 10. Ontving de wetten op de berg Sinaï waarbij de aanwezigen samen Am Isra’el waren (en het begin van het Joodse volk). Volgens de traditie ontving hij zowel de mondelinge als de schriftelijke Torah.
- 12. joods geestelijk leider.
- 14. Ceremonie ter viering en bekrachtiging van de religieuze meerderjarigheid van een joodse jongen. Vanaf zijn 13e levensjaar moet een jongen aan de godsdienstige plichten voldoen en telt hij mee als volwaardig lid van de joodse gemeente.
- 15. Ritueel slachten voor voedsel
- 18. Groot gebedskleed
Down
- 1. Tien lichtkrachten die samen het kenbare aspect van God zijn in de Kabala
- 2. schedelkapje waarmee joodse mannen het hoofd bedekken
- 4. Ander woord voor Joodse Volk, betekent letterlijk ‘Hebreeën’.
- 6. Verbanning uit Joodse gemeenschap.
- 7. Ook wel kosjer. Het geheel van joodse spijswetten die bepaalt of voedsel wel of niet gegeten wordt.
- 8. Plek waar de Torah bestudeerd wordt
- 9. Rabbijnen werden ingewijd met handoplegging (semicha), tot dit na 135 verboden werd. De term wordt ook gebruikt voor andere ceremonies waarin Rabbijnen hun titel krijgen.
- 11. De eerste vijf boeken van de Tenach bestaande uit Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium.
- 13. Oorsprong van de Rabbijnen, wettisch, nadruk op leren Torah. (inclusief mondelinge Torah)
- 16. Vader van alle volken, volgens de Joodse traditie.
- 17. Gewaad dat recht naar beneden loopt, jurk-achtig, met een lange rij knopen. Kledingstuk voor mannen in het Midden oosten en de maghreb.
