Ken je de correcte benaming van de randapparatuur?

12345678910
Across
  1. 1. Dit heb je nodig om te kunnen bewegen over het scherm van je computer.
  2. 5. Dit kan je fysiek voor je computer staan hebben en heb je nodig om bestanden te typen maar kan ook op de computer afgebeeld worden.
  3. 7. Hier kan je bestanden op opslaan. Het is klein en je kan het overal gemakkelijk mee naartoe nemen.
  4. 8. Dit is gemakkelijk om iets dat je computer afgebeeld staat voor een grotere groep te tonen.
  5. 10. Je kan de computer iets doorsturen naar dit apparaat als je het op papier nodig hebt.
Down
  1. 2. Hiermee kan men een fysiek papier ook op de computer bekijken door het blad hiermee door te sturen.
  2. 3. Hierop kan je zien wat je op je computer aan het doen bent.
  3. 4. Een apparaat waarmee een cursor over het scherm bewogen kan worden. Met de palm van uw hand rolt u een bal heen en weer.
  4. 6. schijf Je kan er bestanden, foto's, ... op opslaan. Het is minder handig om mee te nemen dan een USB-stick want het is groter. Maar heeft vaak ook meer opslagruimte.
  5. 9. Apparaat waarmee informatiesignalen geschikt gemaakt worden om over een bepaald kanaal te worden getransporteerd.