Kleuren en Jaargetijden

1234567891011121314
Across
  1. 3. ; Niet alles is zoals het lijkt
  2. 4. ; Afgewezen worden in de liefde
  3. 8. ; Het is snel weg en onduidelijk waar het gebleven is
  4. 10. ; Zij brengt vreugde
  5. 11. ; Een goede indruk maken bij iemand
  6. 12. ; Jong en onervaren zijn
  7. 13. ; In maart kan het nog stormachtig weer zijn
Down
  1. 1. ; Een ernstige waarschuwing krijgen
  2. 2. ; Er komt altijd weer een tijd dat het beter gaat
  3. 5. Als één ding verkeerd gaat dan hoeft nog niet alles verkeerd te gaan
  4. 6. ; Hij is een grote leugenaar
  5. 7. In mei begint het broedseizoen
  6. 9. Je in je laatste levensfase bevinden
  7. 10. In bepaalde gevallen kun je beter niets zeggen dan iets doms zeggen
  8. 12. Dat is een zeer winstgevende handel
  9. 14. ; In de schulden komen