Across
- 5. Lucht in en uit je longen laten gaan.
- 6. "_______ de regen gingen we toch wandelen. Dan worden we maar nat!"
- 9. Een dokter die werknemers helpt gezond te blijven op het werk.
- 12. “De biryani vond ik heerlijk. Dit gericht was mijn _______! Het was het lekkerst.”
- 13. De reden waarom iets gebeurt.
- 14. Wat iemand denkt of vindt over een onderwerp.
- 16. "De brandweer moet snel komen. Het is een _______!”
- 17. Iemand die veel weet over een onderwerp en goed advies kan geven.
- 18. Iemand sterkte wensen na een overlijden.
Down
- 1. Goed zijn in nieuwe dingen maken, zoals een schilderij of kunstwerk.
- 2. Lang nadenken over problemen.
- 3. Te laat wakker worden.
- 4. De belangrijkste locatie van een bedrijf.
- 7. Positief denken over de toekomst.
- 8. “We gaan morgen naar het strand, _______, als het niet regent.”
- 10. Kleine stukjes eten, vaak bij een feest.
- 11. "Iedereen gaat mee naar het feest, _______ Jan. Hij blijft thuis."
- 15. Niet meer zonder iets kunnen, zoals alcohol of een telefoon.
