LTC cultuur

1234567891011121314151617181920
Across
  1. 5. een strategiespel (romeins voorloper dammen en schaken)
  2. 9. de middelbare school waar ze les kragen in latijn en Grieks
  3. 11. de vader van de familie die de volledige kracht over de familie had. Hij moest kijken of hij een kind erkende, zoniet werd het door anderen opgevoed (niet zijn familie)
  4. 12. romeinse naam voor bikkels (zijn kleine gewrichtsbeentjes, specifiek de sprongbeentjes uit de hiel van een schaap of geit, die al sinds de oudheid worden gebruikt als speelmateriaal. Het bikkelen is een behendigheidsspel dat zijn oorsprong vindt in gebieden als het oude Griekenland, Rome en Egypte)
  5. 15. stuk van een forum waar arme kinderen les kregen (een kleine, ondiepe holte of opening in een muur, waar je bijvoorbeeld een plant, beeldje of lamp in kunt zetten, een beetje zoals een soort ingebouwd plankje in de muur.)
  6. 16. een persoon of slavin die de kinderen van de rijke romeinse families opvoedden
  7. 18. het romeinse woord voor de baby- en peutertijd
Down
  1. 1. een pennetje voor een tabella
  2. 2. een bruidsceremonie waar de bruid en bruidegom elkaars rechterhand vasthouden
  3. 3. rhetorica school (Een rhetorica-school is een plek waar je leert om op een slimme en duidelijke manier te praten en te schrijven, zodat anderen jou beter begrijpen en eerder naar je luisteren.) daar leerden ze je overtuigend spreken en schrijven
  4. 4. romeins voor bijnaam
  5. 6. de basisschool waar ze leerden lezen en rekenen
  6. 7. kleding die wit was en kinderen aandeden als ze volwassen waren geworden
  7. 8. een soort flatgebouwen waar arme romeinse families in woonden. Je had maar 1 kamer en moest vaak keukens en badkamers delen met andere families
  8. 10. Het was een centraal plein, meestal omgeven door belangrijke gebouwen, dat diende als het politieke, religieuze, juridische en commerciƫle centrum. Waar romeinse kinderen vaak naar "school" gingen
  9. 13. groep oude mannen die de emperor hielpen te regeren
  10. 14. een groot huis waar rijke romeinse families in woonden met een open binnenplaats waar slaven en bezoek vaak in en uit liepen
  11. 17. romeins voor voornaam
  12. 19. romeins voor familienaam (wat we nu gebruiken als achternaam)
  13. 20. een wasplankje (soort crappy iPad die romeinse kinderen gebruikten op school)