moederdag

1234567891011121314
Across
  1. 1. Naam van een gezinslid.
  2. 3. Eind van de week.
  3. 5. Dit geef je wanneer iemand jarig is.
  4. 6. Dit verwarmt de aarde.
  5. 9. Winkelen.
  6. 10. Gerecht dat sporters eten om Koolhydraten binnen te krijgen.
  7. 11. Manier om te reizen.
  8. 13. Hier kun je verblijven als je weg bent van huis.
  9. 14. Ergens naar toe gaan.
Down
  1. 1. 3 dagen.
  2. 2. Iets geheim houden voor iemand.
  3. 4. Je lievelingsdrankje.
  4. 7. Naam die rijmt op 'boos'.
  5. 8. in ... leggen alle vogels een ei.
  6. 12. De laars van Europa.