Nacht les 1

12345678910
Across
  1. 3. Half slapen
  2. 5. Een groep mensen die 's nachts werkt
  3. 6. Iemand die 's nachts gebouwen bewaakt zodat er niet ingebroken wordt
  4. 8. Iemand die tot laat in de nacht wakker blijft
  5. 9. Halfdonker. De tijd vlak voordat de zon opkomt, of vlak voordat hij ondergaat
  6. 10. Half slapen, slaperig zijn
Down
  1. 1. Overdag een licht slaapje doen
  2. 2. Als je niet in slaap kunt vallen
  3. 4. Helemaal wakker
  4. 7. Heel erg donker