Nederlands crossword puzzle

1234567891011121314151617181920212223242526272829
Across
  1. 3. verzamelingstukken(papieren)overeenzaak
  2. 5. watdebelastingbetreft
  3. 11. aankoop
  4. 12. in een enkel geval
  5. 15. in de volgorde zoals genoemd; hier hoort 15 (op de 1.000) dus bij huwelijken die door overlijden eindigen en 10 op de 1.000 hoort bij huwelijken die door scheiden eindigen
  6. 16. krachtig;hier:enorm;heel erg
  7. 19. door dijken omgeven en droog maken
  8. 20. tegenwoordige
  9. 21. beschermen
  10. 23. instelling; organisatie met een bepaalde taak
  11. 25. inhouden; als inhoud hebben
  12. 28. verzamelen
  13. 29. behoeve van voor; ten bate van
Down
  1. 1. een andere naam geven
  2. 2. ongelukkiggevoel
  3. 4. paren
  4. 6. inderdaad; echt
  5. 7. afgezonderd; zonder contact met anderen
  6. 8. gebaseerd op het verzamelen, bewerken en interpreteren van gegevens met betrekking tot aantallen
  7. 9. hier:gebruiken,waardoorhetminderwordt
  8. 10. inentstof; middel tegen infectieziekten
  9. 13. staan en al helemaal niet …; en dan spreken we nog niet eens over …
  10. 14. aantal sterfgevallen per 1.000 inwoners
  11. 17. water vloed (het tegenovergestelde van ‘eb’)
  12. 18. prikkelen;aansporen
  13. 22. baby; kindvanminderdaneenjaar,datnog(moeder)melkdrinkt
  14. 24. geschreven bericht, dat via een openbaar telecommunicatienetwerk wordt verstuurd
  15. 26. water halen tevoorschijn halen
  16. 27. eenbeetjezout