Across
- 2. Ik .......... later ook schrijver, zegt Johan.
- 4. Je .......... de betekenis in je woordenboek.
- 6. Weet je wat dit woord ..........?
- 7. .......... je altijd even duidelijk?
- 9. Wat jammer dat het weer ..........!
- 10. Maar of hij daardoor leniger .......... is een andere zaak.
- 11. Johan .......... niet meer mee.
- 12. Je .......... best niet te lang.
Down
- 1. De kachel .......... hier lekker.
- 3. Ja hoor, .......... Mia.
- 5. .......... je niet dat we beter thuis blijven?
- 8. Johan .......... liever in een hoekje met een boekje.
- 9. Anders .......... je het weer.
