Persoonlijke verzorging

123456789101112131415161718192021222324
Across
  1. 3. Dossier waarin informatie en afspraken over verpleging en verzorging van de cliënt worden vastgelegd.
  2. 5. Dit ontstaat als iemand tijdelijk of blijvend, niet in staat voor zichzelf te zorgen.
  3. 8. Het gezond zijn.
  4. 11. Gêne, gevoel van onbehagen
  5. 12. Zorg het schoon en netjes zijn
  6. 13. Lidwoord
  7. 16. Vloeistof tot je nemen
  8. 17. Vermogen om dagelijkse algemene levensverrichtingen zelfstandig te kunnen doen.
  9. 20. Ander woord voor verzorgen
  10. 22. iemand die zorg nodig heeft, ook wel 'zorgvrager' genoemd.
  11. 23. Datgene wat je doet om schoon te blijven of je op te frissen.
  12. 24. Voedsel tot je nemen.
Down
  1. 1. Urineren.
  2. 2. Toestand van algehele rust.
  3. 3. De eisen die ziek of gehandicapt-zijn aan zelfzorg van de mens stelt.
  4. 4. Plek waar men slaapt.
  5. 6. Gevoel of uiting waarmee je laat merken dat je iemand aanvaardt als een waardig en waardevol mens.
  6. 7. Verstoring van de gezondheid
  7. 9. Het verplaatsen, de beweeglijkheid. Waar mensen hulp bij nodig kunnen hebben.
  8. 10. Betekenis van de 'D' in de afkorting ADL.
  9. 14. De plek waar je je behoeften kunt doen.
  10. 15. Alle handelingen die een mens bewust verricht ter verbetering van zijn eigen gezondheid.
  11. 18. Datgene wat je doet nadat je uit bed gekomen bent en gewassen bent.
  12. 19. Geen beroepsmatige zorg, maar geven zorg omdat mensen een persoonlijke band hebben met degene voor wie ze zorgen.
  13. 21. Ook wel 'lijf' genoemd. Het stoffelijke van mensen.