Across
- 3. de goddelozen bestoken mij met hun..............(4)
- 4. zijn woorden, zachter dan olie, zijn een getrokken.............(22)
- 7. zijn mond is glad als..............(22), maar vijandig is zijn hart
- 8. mijn hartsvriend, wat genoten wij als wij...........(15)waren bij het feestgedrang in Gods huis
- 9. mijn.............(19)zal hij afweren, ook al zijn ze met velen
- 10. in de stad zie ik...............(10)en strijd
- 11. ver, ver weg zou ik...............(8)
Down
- 1. nooit zal hij dulden dat een rechtvaardige ten...........(23)komt
- 2. ..............(5)heeft mij bevangen
- 5. mijn vijanden hebben voor hem geen..............(20)
- 6. en ik? ik roep tot God, de Heer zal mij................(17)
- 12. leg uw.............(23)op de Heer en hij zal u steunen
