Across
- 3. snel, fel, krachtig
- 5. blij en tevreden
- 7. van iedereen, samen
- 11. geluidssterkte || de totale inhoud
- 13. aarzelen
- 15. van boven naar beneden of omgekeerd
- 18. zonder gevaar
- 19. poging om een verschijnsel te verklaren
Down
- 1. uitgezonderd, buiten, naast
- 2. gebruiken op een bepaalde manier
- 4. waarneembaar, duidelijk merkbaar
- 6. de uitslag, de uiteindelijke opbrengst
- 8. iemand beoordelen
- 9. opwindend, boeiend
- 10. voorstelling
- 11. wij of wat nadien volgt
- 12. opdracht of taak|| werking
- 14. verklaring van de gebruikte symbolen
- 16. langs. Ik ga ..... die weg naar Brussel.
- 17. waar je niet aan twijfelt
