Spaans 1

123456789101112131415161718192021222324252627282930313233
Across
  1. 4. koud iets wat je vaak in de zomer eet
  2. 5. de ...lach
  3. 7. Zeevis die niet veel mensen kennen
  4. 8. Nu direct!
  5. 9. veel kleine kinderen eten liever snoep dan dit
  6. 11. eet je na het avondeten
  7. 12. Man en vrouw die uit elkaar gaan
  8. 14. pikant Peruaans visgerecht
  9. 15. verhuizen
  10. 16. Niet vandaag, niet morgen, maar ...
  11. 17. thee gemaakt van verschillende kruiden
  12. 19. De dag voor gisteren
  13. 21. ander woord voor iets krijgen
  14. 23. Een mening hebben over iets
  15. 26. het echtelijk verbinden
  16. 27. beduusd, er niet helemaal bij
  17. 29. Wat een GEDOE!
  18. 30. ander woord voor verlaten(volt. deelw)
  19. 31. vieruurtje
  20. 33. legsel van een kip
Down
  1. 1. tienvoud van een decennium
  2. 2. Niet winnen,maar
  3. 3. de maaltijd tussen de ochtend en avond
  4. 6. (de) computer
  5. 8. tegenkomen, tegen het lijf lopen
  6. 10. dier dat vooral in ringetjes gesneden en gefrituurd gegeten wordt
  7. 11. tegenovergestelde van ongeduldig
  8. 13. bijv. Telegraaf, BN De Stem
  9. 18. Bijv. sinaasappel...
  10. 20. de stoep met een bezem ...
  11. 22. gebruik je om je huis binnen te komen/open te maken
  12. 24. Om eten vragen in een café/restaurant
  13. 25. wit spul dat zoet smaakt
  14. 28. ... was geluk heel gewoon
  15. 32. groente waar je een nogal onfrisse adem van krijgt