Across
- 2. de taal die mensen met hetzelfde beroep (vak) met elkaar gebruiken.
- 4. een taal met eigen woorden en zinnen die jongeren onder elkaar gebruiken.
- 8. langzaam en geleidelijk.
- 9. de geheimtaal.
- 10. beweren, zeggen dat iets zo is.
Down
- 1. zoveel je maar wilt.
- 2. iets waar je als persoon slechter, armer van wordt.
- 3. de schuld leggen bij.
- 5. genoeg hebben aan.
- 6. heel erg raar, belachelijk.
- 7. van alles door elkaar.
