Thema 4 week 2

123456789101112
Across
  1. 3. Een kledingstuk dat je op je hoofd draagt.
  2. 4. Een rond kapje dat sommige joodse mannen op hun hoofd dragen.
  3. 5. Een hoofddeksel dat bestaat uit een lap stof die om het hoofd wordt gewikkeld.
  4. 6. Juist, het klopt.
  5. 8. Iets vragen aan of zeggen tegen iemand anders.
  6. 9. Kalmer maken.
  7. 11. Een hoed met een hele brede band die hoort bij de klederdracht van Mexico.
  8. 12. Op maat gemaakt, aangepast aan de situatie.
Down
  1. 1. Zomaar gekozen, zonder dat erover nagedacht is.
  2. 2. Je raakt niet ontmoedigd of in de war als iemand je tegenspreekt of tegenwerkt.
  3. 7. Heftiger maken.
  4. 10. Het lijkt op iets anders, maar is net niet hetzelfde.