Thema 5. Les 1, 6 en 11

123456789101112131415161718192021222324252627282930313233
Across
  1. 3. iets in zich hebben
  2. 4. een tekening waarop je kunt zien hoe iets in elkaar zit of hoe iets gemaakt moet worden
  3. 7. de kans op gevaar of iets vervelends
  4. 8. iemand die ergens bijzonder goed in is
  5. 10. in hoeverre je iets kunt gebruiken
  6. 12. Jij maakt een opmerking die precies zegt wat ik bedoel; je slaat de ... op zijn kop.
  7. 14. spannend
  8. 15. Hij wil zo graag beginnen, dat hij staat te ... van ongeduld
  9. 16. Ze hebben geen contact meer; ze zijn elkaar uit het ... verloren.
  10. 18. volgens de afgesproken regels vragen om iets te krijgen
  11. 20. iets wat stevig is of goed in elkaar zit
  12. 21. iets is zo groot of veel dat je er draaierig van wordt
  13. 23. dit zeg je van iets als het het doel niet bereikt
  14. 24. de grootte
  15. 25. heel precies
  16. 27. iets wat ervoor zorgt dat iets of iemand zich onderscheidt van anderen
  17. 28. geschikt voor het doel
  18. 30. het neerzetten en aansluiten van apparaten zodat ze gebruikt kunnen worden
  19. 31. als de temperatuur van je lichaam wat hoger is dan normaal
  20. 33. Ik ben me er van ... dat uitkijken bij het oversteken belangrijk is.
Down
  1. 1. een plan van iets wat je wilt maken
  2. 2. zonder einde
  3. 3. zoals iets eruitziet als je er van bovenaf naar kijkt
  4. 5. dat wat je ziet als je iets doorsnijdt
  5. 6. een proefmodel
  6. 9. erg saai
  7. 11. bewijsstuk dat je het recht hebt om als enige een uitvinding te maken of te verkopen
  8. 13. vernieuwend
  9. 17. als je gemakkelijk overal een oplossing voor weet
  10. 19. van nu, van deze tijd
  11. 20. het laten zien hoe iets werkt
  12. 21. dit zeg je van iets als het het doel bereikt
  13. 22. duidelijk en met kracht
  14. 26. dat wat je bereikt, nadat je iets hebt gedaan of gemaakt
  15. 29. bij een apparaat kiezen hoe het precies gaat werken
  16. 32. ongeveer