Thema 5 Week 1(groep 8)

123456789101112131415
Across
  1. 5. Windstil gebied waar de wind omheen draait.
  2. 6. Een zacht, fris windje.
  3. 8. Rustig.
  4. 9. Een wind die snel ronddraait en die heel sterk is waardoor hij van alles meesleurt.
  5. 12. Samen met.
  6. 14. Een heel harde storm.
  7. 15. Een licht, zilverkleurig metaal.
Down
  1. 1. Je bent neutraal. Je laat jezelf niet leiden door je eigen voorkeur.
  2. 2. Een blauwachtig, zacht metaal.
  3. 3. Het is hard en naar om te horen.
  4. 4. Een duur metaal met de kleur van zilver.
  5. 7. Als je ergens zo door geboeid bent dat je nergens anders meer op let.
  6. 10. Een mengsel van ijzer met een beetje koolstof.
  7. 11. Een gebied met lage luchtdruk, waarin het slecht weer is.
  8. 13. Nadat je het precies geteld hebt.