Unit 2.2

12345678910111213141516171819
Across
  1. 2. het bedrag dat je moet betalen p.... (ei/ij)
  2. 5. zwarte vogel k.... (aai/ooi/oei)
  3. 7. kleur tussen zwart en wit g.... (ei/ij)
  4. 8. ton of baken om de vaargeul in het water aan te wijzen b... (aai/ooi/oei)
  5. 9. dit lees je in een boek v...... (stomme 'e')
  6. 10. niet een jongen maar een m..... (ei/ij)
  7. 11. start: je begint bij het b....(stomme 'e')
  8. 12. niet groot maar k.... (ei/ij)
  9. 15. stuk fruit p... (eer/oor/eur)
  10. 16. trouw huisdier h... (d/t)
  11. 17. een baby is een klein k... (d/t)
  12. 18. hier kun je van eten b... (d/t)
Down
  1. 1. hier brandt een lekker vuurtje in, in de open h.... (d/t)
  2. 3. hier rijdt de trein op s.... (eer/oor/eur)
  3. 4. een ander woord voor mooi f.... (aai/ooi/oei)
  4. 6. bijvoorbeeld geel of groen k.... (eer/oor/eur)
  5. 7. cijfer g.... (stomme 'e')
  6. 9. speelgoed van papier dat je in de lucht op kan laten v......(stomme 'e')
  7. 11. alles wat je hebt b.... (stomme 'e')
  8. 13. streep l... (ei/ij)
  9. 14. hier jaagt een roofdier op p.... (aai/ooi/oei)
  10. 16. dit zit aan het uiteinde van je arm h... (d/t)
  11. 17. nog een k... (eer/oor/eur)
  12. 19. hier luister je mee o.. (eer/oor/eur)