unité 19

12345678910111213
Across
  1. 1. het voetbal (le...)
  2. 3. een taak (un...)
  3. 4. een oefening (un...)
  4. 8. surfen op het internet
  5. 11. huiswerk maken
  6. 13. chatten
Down
  1. 1. muziek maken
  2. 2. het tennis (le...)
  3. 5. luisteren naar
  4. 6. een sport beoefenen
  5. 7. het internet (l'...)
  6. 9. oefeningen maken
  7. 10. het basketbal (le...)
  8. 12. dansen