Untitled

12345678910111213141516171819
Across
  1. 1. – Mislukken, tekortschieten.
  2. 6. – Iemand erg bewonderen, tegen hem opkijken.
  3. 13. – Bijzonder, afwijkend.
  4. 15. – Uitstekend, voortreffelijk.
  5. 16. – Als kandidaat voorstellen.
  6. 17. – Een lied waarmee je iemand eert of prijst.
  7. 18. – Iets goeds wat je hebt gedaan en waarvoor je lof verdient.
  8. 19. – Het voordeel voor jezelf, wat alleen belangrijk voor jezelf is.
Down
  1. 2. – Proberen te bereiken.
  2. 3. – Veel voor iets overhebben, zonder rekening te houden met je eigen voordeel.
  3. 4. – Beroemd en door iedereen geprezen.
  4. 5. – Uitstekend. Nog niet beter gedaan. Er bestaat geen betere van.
  5. 7. – Gezegd van iemand die anders wil zijn of een andere mening heeft dan anderen.
  6. 8. – Iets of iemand erg of overdreven prijzen.
  7. 9. – Doorgaan met iets, ook als het moeilijk wordt.
  8. 10. – De eerste aanzet tot iets. Voorstel dat je als eerste doet of actie die je als eerste onderneemt.
  9. 11. – Als iemand zich snel tegen iets verzet. Opstandig is.
  10. 12. – Voorstellen om iemand een prijs te geven.
  11. 14. – Heldhaftig. Erg dapper en moedig, zoals een held.
  12. 16. – Iemand diep bewonderen of eer bewijzen.