Vergeet-mij-nietjes

12345678910111213141516171819
Across
  1. 3. Die machine is stuk of ....
  2. 5. De chef van de politieagenten is de ....
  3. 7. Met zijn ... neemt hij mooie foto's.
  4. 8. Het getal 267 bestaat uit drie ....
  5. 9. Ik wil een ijsje op een stokje of een ....
  6. 11. Éen euro telt honderd ....
  7. 12. Niet horizontaal, maar ....
  8. 17. We gaan op vakantie met een kampeerwagen of ....
  9. 19. De ... viel uit.
Down
  1. 1. Als je zingt, zing je door een ....
  2. 2. Oma bakt een gebak of een ....
  3. 4. Een geschreven overeenkomst met een handtekening is een ....
  4. 6. De voetbalwedstrijd eindigde met een gelijke ....
  5. 10. In de les moet je aandachtig zijn of je goed ....
  6. 11. Wanneer het ... is, verkleden we ons.
  7. 13. Je moet onmiddellijk of ... komen.
  8. 14. Hij is altijd bezig of ....
  9. 15. De leerkracht leest voor en jij schrijft op tijdens een ....
  10. 16. Ik eet graag ... op mijn boterham.
  11. 18. Ik draag als broek een blauwe ....