Vervoer

12345678910111213
Across
  1. 1. uit het ene vervoermiddel gaan en in het andere
  2. 3. wat je bij je hebt als je op reis gaat
  3. 4. luxueuze autobus voor tochten en vakantiereizen
  4. 6. de plek waar je naartoe moet
  5. 7. opening boven een balie waardoor je klanten kunt helpen
  6. 10. sneltrein die de grote steden met elkaar verbindt
  7. 12. gedwongen landing van een vliegtuig omdat er iets mis is met het toestel
  8. 13. het wegbrengen
Down
  1. 2. een bestelling bezorgen
  2. 5. hoe laat je ergens aankomt
  3. 8. een pasje waarmee je kunt reizen met openbaar vervoer
  4. 9. hoge stoep langs de rails voor in- en uitstappen
  5. 11. fiets voor twee personen die achter elkaar zitten en die beide kunnen trappen