Across
- 4. wat
- 5. maar
- 7. veel
- 9. eten
- 10. zoeken
- 11. morgen
- 12. probleem
- 14. blijven
- 16. binnenkomen
- 17. groente
- 18. vinden
- 19. argent
- 23. voorbereiden
- 25. daarna
- 26. mogelijk
- 28. altijd
- 29. ui
- 30. in
Down
- 1. bakkerij
- 2. bedankt
- 3. helpen
- 6. beroemd
- 8. vragen
- 10. pannenkoek
- 13. kijken
- 15. kledingstuk
- 20. croissant
- 21. ook
- 22. hoeveel
- 24. maaltijd
- 25. met
- 27. alstublieft
